Vievster werkt met een combinatie van beeldende therapie, cognitieve gedragstherapie en schematherapie. 

Beeldend werken zoals schilderen, tekenen, collage enz. Je hoeft hier zeker niet goed in te zijn. 

Cognitieve gedragstherapie gaat uit van gedachten die je gevoel bepalen. Door deze op te sporen kun je kiezen voor andere gedachten. 

Schematherapie gaat over bepaalde overtuigingen die je door de jaren heen hebt ontwikkeld en die ervoor zorgen dat je verschillende kanten in jezelf ontwikkeld. Door te weten dat deze er zijn kun je jezelf beter begrijpen.

Neem contact op voor een vrijblijvende kennismaking.

Wat is beeldende therapie of vaktherapie beeldend?

In vaktherapie is gesprek niet het belangrijkste middel, maar de activiteit: het doen. Een enkele activiteit maakt soms meer duidelijk dan woorden kunnen uitdrukken. 

Vaktherapie beeldend onderscheidt zich van andere vormen van vaktherapie, doordat je binnen de therapie werkstukken maakt die een blijvend karakter hebben. Je kan het loslaten, wegleggen, ernaar terugkijken en ervaren hoe het is om het eens anders te doen. Vaktherapie beeldend wordt door veel cliënten beleefd als een rechtstreekse weg naar diepere gevoelslagen. Het confronteert je met patronen in denken, voelen en handelen binnen een relatief veilige situatie.

 Het gaat daarbij om het proces van het ervaren, en niet om een ‘mooi’ of ‘goed’ eindresultaat. Je hoeft niet goed te kunnen tekenen, creatief of kunstzinnig te zijn. Gevoelens die moeilijk onder woorden te brengen zijn, kunnen verbeeld worden. Misschien ben je juist geneigd om heel veel te praten en te redeneren en ben je hierdoor het contact met je gevoel kwijt. Ook in dat geval kan de ervaring ervoor zorgen dat emoties weer toegankelijk worden.

Vaktherapie is erop gericht je problematiek op te heffen, te verminderen of te accepteren en om terugval te voorkomen. Door de nieuwe ervaringen bij de diverse handelingen krijgt je meer inzicht in jezelf, de ander en de wereld om je heen.

Je leert nieuwe mogelijkheden van reageren in het dagelijks leven. Je kunt vaste patronen doorbreken.

hoe werkt vaktherapiejpg

Wat is cognitieve gedragstherapie, ofwel CGT?

Cognitieve gedragstherapie is een actieve therapie waarin je leert om anders tegen problematische situaties aan te kijken en er anders mee om te gaan.

Wat is cognitieve gedragstherapie?

Cognitieve gedragstherapie gaat er van uit dat problemen beïnvloed en in stand gehouden worden door iemands gedachten (cognities) en gedrag. Door het onderzoeken en veranderen van dat gedrag en die gedachten nemen de psychische klachten af. Cognitieve gedragstherapie is een combinatie van 1. gedragstherapie en 2. cognitieve therapie. 

1. Gedragstherapie
Gedragstherapie richt zich vooral op het veranderen van het gedrag. Hoe een mens handelt bepaalt namelijk in belangrijke mate hoe de persoon zich voelt. Als iemand geneigd is om uit angst bepaalde situaties uit de weg te gaan, dan zal spanning vaak in eerste instantie weliswaar afnemen, maar op de lange termijn juist eerder verergeren dan verminderen. In een gedragstherapeutische behandeling breng je met de behandelaar eerst het problematische gedrag en de omstandigheden waarin dat voorkomt in kaart. Vervolgens helpt de therapeut je om beter passende gedragspatronen aan te leren voor die omstandigheden. Zowel het inventariseren van het gedrag waarvan je last hebt, als het bedenken en voorbereiden van oefeningen met nieuw, beter passend gedrag doe je samen met de behandelaar. 

2. Cognitieve therapie
Cognitieve therapie gaat in op iemands gedachten en de emoties die door die gedachten beïnvloed worden. Wie belangrijke zaken en gebeurtenissen in zijn leven steeds vanuit een negatief standpunt bekijkt wordt en blijft gemakkelijker angstig, somber of geïrriteerd. In cognitieve therapie onderzoek je samen met de behandelaar of die wijze van denken wel helemaal klopt met de werkelijkheid. Wanneer blijkt dat iemand geneigd is om te negatief over allerlei zaken te oordelen wordt uitgezocht welke manier van denken passender is. Bij het uitwerken van meer realistische, vaak positievere gedachten maakt de behandelaar gebruik van specifieke cognitieve uitdaagtechnieken en huiswerkoefeningen. De toekomst is hierbij belangrijker dan het verleden. 

Cognitieve gedragstherapie: een effectieve combinatie
Cognitieve gedragstherapie beïnvloedt dus gedrag, gedachten en gevoel. Door anders tegen een situatie aan te kijken (gedachten) verandert het gevoel en het gedrag van iemand. Bij cognitieve gedragstherapie werkt de behandelaar nauw met je samen om tot verbetering van de klachten te komen. De behandelaar sluit zo direct en zo concreet mogelijk aan bij de problemen. Het is een actieve manier van behandelen; van jou als cliënt wordt een actieve bijdrage verwacht. In de therapiesessies werken we met vragenlijsten en oefeningen. Daarnaast spreekt de behandelaar met jou huiswerkopdrachten af om zelf buiten de sessies aan de problemen te werken.

Naar de effecten van cognitieve gedragstherapie is veel onderzoek gedaan. Heel vaak blijkt deze methode een zeer effectieve psychotherapie te zijn.  

Vaak is deze vorm van therapie effectiever gebleken dan medicijnen, vooral op de langere termijn.

Wat is schematherapie?

Schematherapie gaat niet in op de actuele klacht, maar op de onderliggende denkpatronen en gedragspatronen die als een rode draad door het leven lopen.

Linda wordt telkens verliefd op 'foute' mannen, waardoor zij vaak teleurgesteld raakt in relaties. Johan durft op zijn werk nooit te laten zien wat hij heeft bereikt, waardoor hij niet verder komt in zijn carrière. Evelien cijfert zichzelf altijd weg in relaties en vriendschappen.

Als je telkens in dezelfde valkuil stapt en zich voortdurend negatieve patronen herhalen in jouw leven, dan zou er sprake kunnen zijn van negatieve schema's.

Wat zijn schema’s?

Schema’s zijn de interne 'blauwdrukken' die bepalen hoe je kijkt naar jezelf, naar anderen en naar de wereld om je heen. Negatieve schema's zijn hardnekkig: ze lopen als een rode draad door het leven, vormen overtuigingen, gevoelens en ervaringen. Ze ontstaan veelal door nare ervaringen tijdens de kindertijd. Bijvoorbeeld in de steek gelaten worden door een ouder, of gepest worden op school.

Elk kind heeft behoefte aan veiligheid, verbondenheid, autonomie en waardering, maar ook realistische grenzen. Dit zijn de basisbehoeftes. Als hieraan niet wordt voldaan ontwikkelt een kind negatieve schema's. Deze neem je mee in het volwassen leven. Als je vroeger bent mishandeld door jouw ouders, kan je je vanuit het schema wantrouwen voortdurend bedreigd voelen. Een ander, die altijd gekleineerd is als kind, kan zich continu minderwaardig voelen vanuit het schema waardeloosheid.

Negatieve schema's

Hoewel ze niet goed voor je zijn, voelen negatieve schema’s vaak vertrouwd aan. Nieuwe ervaringen zijn vaak een bevestiging van die schema’s (bijvoorbeeld Linda, die weer in de steek is gelaten door een onbetrouwbare man).

Er zijn verschillende manieren waarop negatieve schema's zich manifesteren in het dagelijkse leven.

Sommige mensen geven zich over aan hun schema’s (vb: 'ik ben ook een mislukkeling') en laten zaken in het leven mislukken. Anderen overschreeuwen zichzelf juist, waardoor ze niet meer stil hoeven te staan bij hun onzekerheid, met als gevolg dat ze anderen op afstand houden.

Negatieve schema's leiden altijd tot niet-helpend gedrag.

Schemamodus

Een schemamodus is een bepaalde gevoelstoestand waarin je schiet wanneer je in een situatie bent waar gevoelens van vroeger worden opgeroepen. Het plotseling omslaan van je stemming door bijvoorbeeld vlak, heftig, of zelfkritisch te reageren valt dit je omgeving op. Wanneer door een bepaalde emotionele gebeurtenis één of meerdere schema’s tegelijk worden geactiveerd, kom je in een bepaalde schemamodus (meervoud modi), of kortweg modus, terecht.

Een schema zou je dus kunnen opvatten als een stabiele, vaste overtuiging. De schemamodi zijn steeds wisselende gevoelstoestanden die worden bepaald door op dat moment actieve schema’s en de manier waarop jij met je intense emoties omgaat. Enkele voorbeelden van schema modi zijn: eenzame kind modus, ongedisciplineerde of boze kind, veeleisende ouder modus, afstandelijke beschermer, of een zelfverheerlijker- modus.

Een bepaalde schemamodus vormt op die manier een krachtige manier van reageren, dat ervoor zorgt dat je steeds tegen dezelfde problemen aanloopt.  Er ontstaat een interactie waar je niet meer uit komt omdat je omgeving vaak ziet dat je boos, vlak of teruggetrokken bent.

Schematherapie

Het doel van de schematherapie is je te helpen je schema’s en modi op te sporen en te leren beseffen hoe de schema's zijn ontstaan. Jouw therapeut zal je helpen om tot het besef te komen dat hoe jij vroeger behandeld bent niet komt doordat er iets mis met je was, maar omdat er niet aan jouw basisbehoeftes voldaan kon worden. Met jouw therapeut zal je inzicht krijgen in hoe de schema’s en modi in stand worden gehouden.

Je zult in de therapie de omstandigheden die tot het ontstaan van de schema's hebben geleid moeten gaan verwerken. Dat is waarschijnlijk een ingrijpend proces, omdat het vaak om verdrietige, pijnlijke, of zelfs traumatische gebeurtenissen gaat. Jouw therapeut zal jou helpen onder ogen zien welke basisbehoeften zijn gefrustreerd en hoe het eigenlijk had moeten gaan. Linda heeft bijvoorbeeld in haar therapie weer stilgestaan bij de keren dat haar vader haar in de steek liet. Zij leerde in therapie dat zij juist een vader nodig had waar zij op kon rekenen. Dat was de basisbehoefte waarin zij is tekort gekomen. Zij besefte dat het niet haar schuld was, maar dat haar vader niet in staat was om er voor haar te zijn. 

Vervolgens zal de therapeut jou leren hoe je in het volwassen leven beter voor jezelf kan zorgen en anderen toestaan om voor je te zorgen. Zo doorbreek je het patroon wat in jouw jeugd is ontstaan. En zo kom je van de negatieve schema's en modi af.